chapter-bullet-o chapter-bullet-ob chapter-bullet chapter-bullet-b archive-arrow-down chapter-arrow content-link content-pic email facebook filter-arrow-down filter-arrow-up hamburger link listitem-arrow more-arrow-right print reveal-arrow-left reveal-arrow-right reveal-times search-arrow search times-filter twitter instagram view-grid view-list

Notorious (Alfred Hitchcock, 1946)

Notorious (1946)

‘A Very Strange Love Affair’

Notorious is dan wel een spionagethriller (met een plot die draait rond uranium) maar gaat echt over twee onbeantwoorde liefdes. De film is ook een perfect voorbeeld van ‘the genius of the system’, waarin alle radertjes van het studiosysteem (van producent en regisseur over scenarist, cameraman en ander technisch personeel, tot de sterren) samenwerken, met een artistiek hoogtepunt in hun gezamenlijke carrière als resultaat.

Notorious opent in Miami, Florida. Het is twintig over drie in de namiddag. Het jaar is 1946. Alicia Huberman (Ingrid Bergman), de niet onbesproken dochter van een veroordeelde Duitse spion, wordt na een dronken avond door geheim agent T.R. Devlin (Cary Grant) ‘gevraagd’ om bij wijze van Wiedergutmachung te infiltreren in een netwerk van nazi-expats in Brazilië. De undercover opdracht veronderstelt dat Alicia (als een echte Mata Hari) vertrouwen moet zien te winnen binnen de naziorganisatie. Ze gaat zo diep undercover dat ze noodgedwongen in het huwelijksbootje moet stappen met een van de hoofdverdachten, Alexander Sebastian (Claude Rains). Alicia en Devlin zijn echter ondertussen verliefd geworden, wat Alicia’s opdracht des te pijnlijker én gevaarlijker maakt. Wat zal eerst ontdekt worden: Alicia’s passie voor Devlin, of het feit dat ze een spionne is? Notorious is dan wel een spionagethriller (met een plot die draait rond uranium) maar gaat echt over twee onbeantwoorde liefdes: die van Alicia voor Devlin, en die van Alex voor Alicia. “A very strange love affair,” noemt Alicia het zelf.

David O. Selznick en Alfred Hitchcock op de set van Rebecca (1940).

RKO en David O. Selznick

Het jaar waarin de film zich afspeelt, 1946, staat te boek als een gouden jaar voor de Amerikaanse filmindustrie. Een recordaantal mensen ging naar de cinema en Hollywood deed gouden zaken. RKO, de studio die Notorious produceerde en distribueerde, had de wind in de zeilen en boekte meer dan 12 miljoen dollar winst. Positieve cijfers waren voor RKO een relatieve nieuwigheid. Het decennium was immers dramatisch begonnen: onder George J. Schaefer (die aantrad als studiohoofd in 1939) was RKO er niet in geslaagd om een duidelijk profiel en succesvol businessmodel te vinden, ondanks de torenhoge ambities van het management. Zo werd er onder Schaeffer vaker een beroep gedaan op gegeerde freelance-sterren (zoals Cary Grant en Carole Lombard) in plaats van in eigen huis te casten, was men ambitieuzer in het aankopen van prestigieus literair materiaal, en werd er ingezet op nieuw beloftevol talent (zoals bijvoorbeeld Orson Welles). RKO promootte in die periode enerzijds kwaliteitsfilms aan goede prijzen en anderzijds B-films. De prestigefilms waren echter financiële teleurstellingen, zoals Citizen Kane (Welles, 1941), Abe Lincoln in Illinois (John Cromwell, 1940) en The Magnificent Ambersons (Welles 1942) en ook de kosten voor de low-budget B-films begonnen gestaag te stijgen. De aanhoudende financiële verliezen maakten Schaefers positie onhoudbaar en hij werd in 1942 vervangen door Charles Koerner, die de studio van de rand van het bankroet kon wegleiden. Koerner mikte op een meer evenwichtig, publieksvriendelijker en commercieel programma, al bewijst Notorious dat hij ook oog had voor prestigeprojecten. Notorious werd bovendien een van de grootste hits voor de studio in 1946. RKO had de film als ‘pakket’ overgekocht van onafhankelijk producent David O. Selznick, die zowel Hitchcock als Bergman op dat moment nog onder persoonlijk contract had. Het was een goede deal voor Selznick, die wekelijks respectievelijk 25.000 en 20.000 dollar mocht ontvangen voor de diensten van zijn cliënten, terwijl Hitchcock en Bergman zélf amper tien procent van dat bedrag uitbetaald kregen. (Bovendien had hij voor zichzelf een percentage in de winst onderhandeld.) Hitchcock en Bergman van hun kant waren eerder blij om Selznick op afstand te kunnen houden, want hun relaties met de stressgevoelige controlerende Selznick (die met een kop vol zorgen zat over zijn productie Duel in the Sun) verliepen op dat moment behoorlijk stroef. Van Notorious werd dus uiteindelijk iedereen blij.

Alfred Hitchcock en Ingrid Bergman op de set van Notorious (1946).

Hitch & Hecht

De Britse regisseur Alfred Hitchcock was sinds 1939 actief op Amerikaanse bodem. De regisseur had in zijn thuisland een generisch zeer gevarieerd repertoire opgebouwd, maar zijn grote sterkte en persoonlijke voorkeur lag bij de thriller. Na gesprekken en onderhandelingen die twee jaar hadden aangesleept, tekende hij een zevenjarig contract bij Selznick. Zijn eerste project, Rebecca, werd een groot commercieel en artistiek succes. (En leverde een Academy Award voor Beste Film op.) De samenwerking tussen Hitchcock en Selznick was echter stormachtig, want beide mannen hadden andere temperamenten en streden vaak over wie zich de echte baas over het project mocht noemen: de regisseur of de producer. Historicus Thomas Schatz merkt op dat hun werkwijze eigenlijk niet méér kon verschillen: Hitchcock was kalm, voorbereid en beheerst tijdens een tournage (de film was voor hem als het ware al ‘af’ nog voor de eerste scènes gedraaid waren), terwijl Selznick een draaiperiode beschouwde als ‘een oefening in crisismanagement’ (een crisis verwachtte hij en creëerde hij desnoods zelf).

Notorious was een project dat zowel de interesses van Selznick als die van Hitchcock en diens scenarist (en oud-journalist) Ben Hecht aansprak: het is een romantisch, beetje opgeblazen melodrama waarin de geliefden door externe omstandigheden van elkaar gescheiden worden, maar het is evenzeer een intieme film met eerder psychologiserende ambities waarin de soms rauwe emoties en seksuele spanningen tussen de personages worden onderzocht. De film is een voorbeeld van wat Diane Waldman de ‘female gothic’ heeft genoemd, een cluster van spannende melodrama’s uit de jaren veertig met vrouwelijke protagonisten die zich bedreigd weten van ‘binnenuit,’ vanuit hun eigen huiselijke omgeving of door de man van wie ze houden of met wie ze getrouwd zijn. Binnen dit genre had Hitchcock recent Rebecca (1940), Suspicion (1941) en Shadow of a Doubt (1943) afgeleverd.

De inspiratie voor Notorious (overigens een van Hitchcocks vele filmtitels bestaande uit slechts één woord) lag deels bij een kortverhaal (‘The Song of the Dragon’) dat in twee afleveringen was verschenen in de Saturday Evening Post in 1921 en waarvoor Selznick de rechten bezat, maar het was net zo goed een voortzetting van Hitchcocks voorliefde voor spionageverhalen en zijn wens om een project specifiek voor Ingrid Bergman te ontwikkelen. Samen met Hecht (die enkele van de beste films van Howard Hawks, William Wellman, William Wyler, en Ernst Lubitsch had geschreven) begon hij aan een script. Hun werkmethode bestond uit Hitchcock die veel praatte, Hecht die noteerde, Hecht die vervolgens enkele pagina’s uitwerkte, Hitchcock die las en schrapte, Hecht die daar totaal geen moeite mee had, en nieuwe praatsessies tussen de twee heren. Hitchcock was sterk in het verzinnen en formuleren van dramatische en cinematografisch interessante scènes of set pieces, terwijl Hecht goed was in structureren en scenisch organiseren (dus de losse scènes met elkaar verbinden) en het schrijven van spitse dialogen. Hecht en Hitch hadden al samengewerkt voor Foreign Correspondent (1940), Lifeboat (1944) en Spellbound (1945), die laatste ook met Bergman.

Het script voor Notorious kende veel verschillende versies en eindes omdat het aan de vele vereisten van de Production Code Administration (het orgaan dat toezag op de morele gedragsregels die Hollywood zichzelf had opgelegd sinds 1934) moest voldoen. Zo sleutelde men lang aan het te ‘losse’ personage van Alicia en werd vanuit de PCA gevraagd om haar vulgaire gedrag en taalgebruik zoveel mogelijk te onderdrukken of verbloemen. Selznick zelf vreesde ook dat het personage van Alicia de reputatie van zijn engelachtige ster, Ingrid Bergman, zou kunnen schaden. Selznick maakte zich verder ook zorgen over de ‘MacGuffinDe ‘MacGuffin’ is een element in de plot – zoals bijvoorbeeld een lijst met namen van geheim agenten, een bom, een formule voor een gevaarlijk virus, een verborgen schat… – dat een film wel in beweging zet, maar dat in feite van weinig tel is.’ van de film, namelijk het uranium dat ligt opgeslagen in de wijnkelder van de Sebastians. Hij vreesde dat het publiek niet zou begrijpen waarvoor uranium zoal zou kunnen dienen. Het Amerikaanse leger ‘loste’ dit probleem voor hem op toen de wereld na de Amerikaanse bombardementen op Japanse steden Hiroshima en Nagasaki in augustus 1945 kennismaakte met een van de mogelijke (afschuwelijke) toepassingen van uranium.

Cary Grant, Ingrid Bergman en Alfred Hitchcock op de set van Notorious (1946).

De sterren

Ingrid Bergman was eind jaren dertig opgemerkt in haar Zweedse films door Katherine (‘Kay’) Brown, de ‘Oostelijke vertegenwoordiger’ van David O. Selznick (en indirect verantwoordelijk voor veel van zijn grootste successen). Brown overtuigde haar baas om de actrice naar Hollywood te halen. In tegenstelling tot wat gebruikelijk was bij nieuwe sterren in de maak werd Bergman niet ‘verlost’ van haar natuurlijke schoonheid door cosmetische of plastische ingrepen, maar werd ze door Selznick zorgvuldig in de markt gezet als ‘Noordelijk Naturel’. Ze moest het eenvoudige leven belichamen, huiselijkheid en geborgenheid uitstralen. Selznick toonde zich maniakaal in het controleren en bijsturen van haar publiek imago.

Ondanks het feit dat Selznick duidelijk niet goed wist wat hij met haar aan moest en ze vaak voor langere periodes werkloos thuis zat, kende ze met Dr. Jekyll and Mister Hyde (Victor Fleming, 1941), Casablanca (Michael Curtiz, 1942) en GaslightVoor Gaslight ontving ze de Oscar voor Beste Actrice. (George Cukor, 1943) al vroeg enkele artistieke en commerciële hoogtepunten. Notorious is waarschijnlijk het artistieke hoogtepunt van Bergmans hoogconjunctuur en is een van haar meest geprezen vertolkingen (al werd ze hiervoor niet genomineerd voor een Oscar). De film volgde na een reeks van successen: Spellbound, Saratoga Trunk (Sam Wood, 1945; met Gary Cooper) en de kaskraker The Bells of St. Mary’s (Leo McCarey, 1945). Vooral de laatste film, waarin ze een non speelt ten overstaan van Bing Crosby, bezegelde haar populariteit. De totaalopbrengst voor deze drie films was meer dan 21 miljoen dollar. Dankzij Selznicks inspanningen was Bergmans reputatie als goedhartige, deugdzame en onpretentieuze jonge vrouw stevig verankerd in het beeld dat pers en publiek van haar hadden. De situatie in Notorious, waarin een seksueel actieve en emotioneel hongerige vrouw vastzit in een liefdeloos huwelijk en smacht naar een liefdesverklaring van haar echte grote liefde, lag echter dichter bij haar echte levenZo was Bergmans huwelijk met Petter Lindström stroef, en had ze haar hart verloren aan de glamoureuze oorlogsfotograaf Robert Capa, die echter niet van zins was om met Bergman te trouwen. Hitchcock, die erg goed opschoot met Bergman, was op de hoogte van haar turbulente gevoelsleven en maakte dankbaar gebruik van de parallellen tussen fictie en realiteit. dan kon worden vermoed. Van Hitchcock is het bekend dat hij zijn acteurs durfde vergelijken met vee en dat hij weinig tot geen tegenspraak of inspraak duldde, maar voor Bergman maakte hij een uitzondering. Op de set van Notorious gaf hij haar in aanwezigheid van stomverbaasde getuigen zelfs enkele keren gelijk. Hitchcock en Bergman zouden nogmaals samenwerken voor Under Capricorn (1949), haar laatste film voor ze aan haar Italiaanse carrière begon met latere echtgenoot Roberto Rossellini.

Net als voor Bergman, was dit voor Cary Grant de tweede samenwerking met Hitchcock, na zijn atypische rol in Suspicion (1941), waarin hij een potentiële moordenaar vertolkt. In 1946 lag Grants meest succesvolle periode eigenlijk net achter hem. Na de beëindiging van zijn contract met Paramount midden jaren dertig had hij als freelance acteur een opmerkelijke reeks films gedraaid, te beginnen met de komedies The Awful Truth (McCarey, 1937), Bringing up Baby (Hawks, 1938), en Holiday (Cukor, 1938), de komische en exotische actiefilm Gunga Din (George Stevens, 1939; de grootste hit voor RKO van dat jaar) en de dramatische avonturenfilm Only Angels Have Wings (Hawks ,1939). In deze films, ondertussen allemaal klassiekers, kon hij al zijn kwaliteiten kwijt: van acrobatie tot zingen en dansen, zijn komisch inzicht en timing (niemand doet de double take beter dan Grant), van romantische intermezzo’s, verbale virtuositeiten, tot old school charme-offensieven. Deze films presenteren ons de persona ‘Cary Grant’ op z’n best: de immer stijlvolle gentleman, gesofistikeerd maar benaderbaar, zelfzeker maar gul, charmant maar ook ironisch, en vaak met enig (uitgesteld) gevoel voor zelfspot. Grant begreep de kunst van het entertainen, en dat schijnbaar zonder moeite. Pauline Kael omschreef Grant in 1980 als een “mannelijk liefdesobject”, en ze begreep dat mannen allemaal even “fortuinlijk en benijdbaar wilden zijn als Grant…” Vrouwen van hun kant, die wilden hem veroveren. Grant was Hitchcocks favoriete leading man en ze zouden nog samenwerken voor To Catch a Thief (1955) en North By Northwest (1959). Het personage Devlin vereiste van Grant, nochtans een erg lichamelijke acteur, een onderkoelde, soms immobiele, en bij momenten bijna ijskoude vertolking. Het is pas helemaal op het einde dat de geheim agent zijn ware gevoelens toont en die deelt met de noodlijdende Alicia.

Claude Rains was niet de eerste keuze (dat was George Sanders en voor Selznick was Clifton Webb lang de ideale kandidaat), maar het was wel Rains die, ook op voorspraak van Selznick, werd geselecteerd als de ideale derde schakel in de driehoeksverhouding. Voor Hitchcock en Selznick was het vanaf het begin duidelijk dat de rol van nazi-pion Alex Sebastian door een acteur met enige sterallure moest gespeeld worden. Het nog recente succes van de in oorsprong Britse acteur in prestigieuze (vrouwen)films als Now, Voyager (Irving Rapper, 1942), Casablanca (‘een vrouwenfilm voor mannen’ volgens David Thomson) en Mrs. Skeffington (Vincent Sherman, 1944) maakten van hem een waardevolle en betrouwbare aanvulling op de cast, vooral omdat hij gold als een genereus en precies acteur, die de pikorde van het sterrensysteem als een gentleman kon aanvaarden. Rains geeft zijn personage tevens ook nuance en menselijkheid mee en maakt van Alex bijna een slachtoffer van de omstandigheden, gekneld tussen zijn oprechte liefde voor Alicia en zijn dominante moeder (streng en spinachtig gespeeld door de Duitse actrice Leopoldine Konstantin). De casting van Rains zorgde voor enkele noodzakelijke kleine aanpassingen op de set om ervoor te zorgden dat het lengteverschil tussen hem en Bergman niet te veel zou opvallen (Bergman was rijzig en Rains was ongeveer 10 centimeters kleiner).

Ingrid Bergman en Alfred Hitchcock op de set van Notorious (1946).

De productie

Notorious werd volledig gedraaid in de RKO-studio in Los Angeles. Voor de weinige echte buitenopnames (wanneer Alicia en Devlin gaan paardrijden in de hoop een ontmoeting met Alex uit te lokken) werd er deels op een lokale manege gedraaid. De vele scènes die zich afspelen in een auto op de baan of in Rio de Janeiro zijn bijgevolg allemaal speciale-effecten-shots, want Bergman noch Grant zetten voor deze film een voet buiten de VS. Hitchcock gebruikt hiervoor de techniek van de ‘rear’ of ‘back projection’. De op voorhand gedraaide locatie-beelden (door Gregg Toland) werden tijdens de opnames met de acteurs geprojecteerd op een lichtdoorlatend scherm. De technologische uitdaging was hier om het lichtontwerp in de geprojecteerde beelden te laten matchen met het licht gebruikt voor de acteurs op de set (zodat het lijkt dat ze zich in dezelfde ruimte bevinden). Een ander technologisch hoogstandje in de film is Hitchcocks befaamde ononderbroken kraanshot in het huis van Alex Sebastian. De camera start bovenaan op het tweede balkon van de grote trapzaal en gaat traag naar beneden om te eindigen op het hand van Ingrid Bergman. In dat hand heeft ze de sleutel van de wijnkelder die ze van haar echtgenoot ontvreemd heeft.

Notorious (Alfred Hitchcock, 1946)

Spanning

Hitchcock wordt (tot vervelens toe) de ‘master of suspense’ genoemd, maar ook in clichés schuilt een waarheid. Volgens Hitchcock is er sprake van suspense wanneer je “het publiek voor God laat spelen”, dat wil zeggen, wanneer je het publiek méér kennis geeft van het narratief dan de personages. Wij (als publiek) weten dat er iets ergs staat te gebeuren, het is de vraag wanneer het zal gebeuren en of de personages er op tijd wat aan zullen kunnen doen. In Notorious komen we consequent bijna alle belangrijke informatie te weten voorVergelijk dit met Rebecca, waar we samen met de tweede Mrs. De Winter (Joan Fontaine) lang in het duister blijven tasten over het lot van Rebecca, de gevoelens en intenties van Maxim De Winter en de gevaren waar de tweede mevrouw De Winter zich al dan niet aan blootstelt. de protagonisten (voor wie informatie van belang is). Een memorabel moment waarop onze narratieve voorkennis zorgt voor bijzondere spanning en anticipatie (en dus suspense) is het volgende: wanneer Alex zijn vrouw Alicia en Devlin betrapt in de kelder tijdens het grote cocktailfeest denkt Alicia dat ze enkel verraden is als ontrouwe echtgenote. Ze weet niet dat Alex diezelfde avond ook ontdekteHitchcock zorgt op dit moment voor een shift in perspectief, we verlaten tijdelijk de subjectieve ervaringen van Alicia en komen bij Alex terecht, die samen met zijn moeder op vergelding zint. dat ze een spionne is en dat zijn geheime operatie is gecompromitteerd. Het is nu een kwestie van afwachten wanneer Alicia zal ontdekken wat het publiek dan al weet, namelijk dat ze in groot gevaar verkeert. Op het einde van de film verhoogt Hitchcock de spanning nog eens extra door Alicia’s weg naar redding letterlijk extra lang te maken. Hij laat Grant en Bergman immers meer trappen afdalen dan er eigenlijk zijn in de trappenhal, maar door de afdaling te verlengen, blijven we langer in onzekerheid.

Wat niet onvermeld kan blijven is de veelbesproken scène op het balkon van Alicia’s appartement in Rio waarin Bergman en Grant elkaar in een aangehouden take (van twee en een halve minuut) met intervallen bedelven onder de kussen. Het is een heel sexy scène – “Bergman knabbelt aan Cary Grant alsof hij een pond verse kaviaar is”, merkte een recensente op – die terecht op het netvlies gebrand blijft. De Production Code Administration verbood erotische kussen van langer dan drie seconden, maar hoewel de totale kustijd van Grant en Bergman in deze scene natuurlijk veel langer is dan drie seconden, overtreden ze door de vele onderbrekingen die regel niet. Net als in To Catch a Thief wordt Grant in deze scène een maaltijd met kip beloofd (in To Catch a Thief vraagt Grace Kelly dubbelzinnig of hij een borsten- of een billenman is), maar in Notorious lijkt het erop alsof de kip niet eens op tafel zal komen – Alicia kookt immers niet graag en aan Devlin heeft ze voorlopig voldoende. Devlin, die eerder in de film nog bekende “bang te zijn van vrouwen”, toont zich hier een moedig man.

Hitchcocks eigen dochter noemde Notorious haar favoriete Hitchcock film. “The more I see it, the more I like it”, zei ze, en daar valt niets meer aan toe te voegen.

Voor een uitstekende analyse van hoe de cinematografische representatie van ruimte in Notorious zowel de plot, de emoties en de thema’s van de film illustreren, kan je terecht bij Cristina Álvarez López en Adrian Martin, vaste waarden op het Zomerfilmcollege. Zij maakten voor de Filmkrant dit filmessay.

Bibliografie

Thomas Schatz (1988) The Genius of the System, New York: Metropolitan Books

Donald Spoto (1998) Notorious, The Life of Ingrid Bergman. New York: Harper Collins

Donald Spoto (1983) The Dark Side of Genius: The Life of Alfred Hitchcock, New York: Little Brown and Company

David Bordwell (2019) ‘NOTORIOUSly yours, from Criterion‘, Observations on Film Art

David W. Smit (2005) ‘Marketing Ingrid Bergman’, Quarterly Review of Film and Video, 22:3, 237-250

Graham McCann (1996) Cary Grant: A Class Apart, London: Fourth Estate

Richard B. Jewell & Vernon Harbin (1982) The RKO Story, London: Octopus Books